top of page

De Huismus

Uit Buurtbrief november 2022

door Pascal


Tijdens de renovatie van onze woning aan de Wolphaertstraat hebben we van april tot december 2021 in een tuinhuisje aan de Grondherendijk gewoond.


Daar ben verknocht geraakt aan een vogel. Een doodgewoon en saai ogend bruin vogeltje, althans dat dacht ik toen nog. De huismus, want daar wil ik het over hebben, behoort bij veel mensen tot de meest nietszeggende vogels van Nederland, tot voor kort hoorde ik ook bij die groep.


Ik wist dat onder de dakpannen van een groot pand van de achterbuurman een familie mussen woonde. Iedere ochtend kwam de hele clan van het dak naar beneden en ging druk kwetterend in de rozenstruik zitten. De mussen familie wekte meteen mijn interesse, ik weet niet of het uit liefde of een misplaastste zorgzaamheid was maar ik besloot ze te gaan voeren. Op een zaterdagochtend ben ik naar de dierenwinkel gereden en kocht daar twee voordeelzakken van 10kg strooivoer, laat ik het meteen goed aanpakken dacht ik.


Ik zette een schaal water neer strooi wat voer op het plaatsje bij de achterdeur en het "all you can eat" ontbijtbuffet was geopend. Iedere ochtend zat de hele familie zich tegoed te doen aan het vogelzaad, en wij kijken door het raam naar wat zich daar afspeeld. De mussen eisen het hele buffet op, geen koolmees of heggenmus die zich ertussen waagt.

Het leuke is dat wanneer je een tijd zo'n familie volgt je de individuen gaat herkennen. De zo op het oog identieke vogels blijken kleine verschillen te hebben in uiterlijk en gedrag, een vlekje op de veren net wat groter of lichter, de ene mus dominanter dan de andere. Het gemakkelijkst te herkennen was "pootje", die mistte, je raadt het al, een deel van zijn poot. Kinderen zijn heel praktisch in het naamgeven van dieren.


Huismussen zijn pittige vogels die elkaar het leven flink zuur kunnen maken maar elkaar ook waarschuwen als er gevaar dreigt. Een heel broedseizoen hebben we de familie kunnen volgen, we zagen mannetjes fanatiek baltsen om de vrouwtjes, er werd voor ons neus gepaard en familievetes werden uitgevochten in de rozenstruiken. Jongen werden gepakt door eksters en andere jongen groeiden op tot volwassen huismussen. Het lief en leed van de familie voltrok zich als een reality soap in ons achtertuintje.


Toen de mens zijn eerste pogingen ondernam tot het bedrijven van landbouw moet deze vogel al een graantje mee hebben gepikt denk ik. Sinds die tijd is hij niet meer bij ons weggegaan, zo'n dier noemen we een cultuurvolger. Een vogel die denkt in mogelijkheden in plaats van problemen, kijk daar hou ik van!


Hij staat ieder jaar op nummer 1 van de Nationale vogeltelling met ruim 450.000 getelde exemplaren, en ook in onze wijk de meest getelde met 87 “vinkjes” achter zijn naam. Ondanks deze hoge positie gaat het niet goed met de huismus.


Ieder jaar nemen de aantallen af, enkele decennia geleden waren er zo'n 2 miljoen broedparen in Nederland en de populatie is inmiddels meer dan gedecimeerd. De belangrijkste oorzaken zijn schaalvergroting in de landbouw, veranderingen in woningbouw, beheer van stedelijk groen en verstening van tuinen.


Inmiddels is de huismus op de rode lijst van Nederlandse broedvogels geplaatst. Deze lijst is opgesteld voor vogelsoorten waarvan het leefgebied bedreigd wordt en actie op ondernomen moet worden.


We kunnen de huismus helpen, en het mooie is dat je daar helemaal niets voor hoeft te doen. Stop met het opruimen van je tuin en laat, als het even kan, na een storm je losse dakpan liggen, ga lekker op de bank zitten en bewonder uw saaie bruine maar o zo leuke tuinvogel. Er blijft je een hoop zweet bespaart en je krijgt er een beetje geluk voor terug!




1 weergave0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven
bottom of page